Op stap met programmamaker Joris Linssen
Lombok, het wilde westen van Utrecht
Hij, een Utrechter? Welnee, Joris Linssen voelt zich Lómbokker. Een prachtwijk, zegt ex- smartlappenzanger Ome Cor, maar nog steeds programmamaker, entertainer, taxi- chauffeur, levensgenieter. Een wandeling langs zijn favoriete plekjes levert mooie verhalen op. Over fraaie huizen, geflipte negers en wijde pijpen bijvoorbeeld.
De kleermaker van Saddam Hoessein, die de wijde pijpen stikt van Ome Cor! Een Irakees, gevlucht uit eigen land, komt in het Utrechtse Lombok terecht, begint een winkel, zit aan zíjn broek. In de Kanaalstraat! Of het waar is? Linssen denkt van wel. De vluchteling kwam overtuigend over. Ook al werd hij getolkt. Ach, wat maakt het uit? De Kanaal- en Damstraat. Hartje Lombok. Mooie straten, hoor. Fantastische winkels. Van typisch Utrechtse viswinkel tot Marokkaanse schoenenwinkel, van Nederlandse paardenslager tot Iraanse groenteboer.
Prachtige mensen, vol verhalen.
Linssen haalt er geregeld zijn boodschappen.
Hij is op weg naar de plek van zijn eerste Lombok- ervaring. Onderweg moet er af en toe gestopt worden.
Bij La Esquina bijvoorbeeld, een biljartcafé met een rasta- meneer achter de bar. De leukste kroeg van Lombok. Even verderop: Chinees Kantonees Restaurant Lin Far. Goede tip, voor wie goedkoop en lekker wil eten. De Spar, aan de andere kant, ook leuk. De Kanaalstraat is Istanbul in het klein. Kijken, ruiken, voelen, proeven. Niets leuker dan domweg een beetje struinen. Dan, haaks op de Kanaalstraat, de Groeneweg in. Vlak voor de benzinepomp gaat Linssen rechtsaf. Hij stopt, midden op een DDR- achtig plein. Het is een parkeerplaats, vol met gaten.
De aanblik is troosteloos. De handen gaan in de jaszak, het hoofd schuin omhoog. Hij draait een rondje en ziet de met graffiti besmeurde achterkant van het benzinestation, verder Nettorama, Aldi Markt, een meubelhal, Supermarkt Tropical.
Linssen lacht, haalt eens diep adem. ,,Kijk, daar, dat pand. Daar ben ik als student in 1985 begonnen. Hij wijst naar een soort woonkazerne. Het ziet er vervallen uit. Net als toen. De benedenverdieping was voor de junks, de bovenverdieping voor student Joris en een stuk of acht anderen. Hij had een vrij grote kamer.

In de kamer links van hem zat een mafkees. Die jongen speelde fluit, zat vaak naakt op bed. Hij deed iets met slangenbezwering . En rechts? Ha, de kamer rechts! Daar zat een geflipte neger van twee meter. Die jongen werd een keer betrapt op diefstal: had- ie een zak aardappelen onder de trui gestopt! Linssen, die er altijd sliep met een broodmes onder het kussen, heeft wel eens gedacht: Wat doe ik hier? Nu, twintig jaar later, woont hij nog steeds in Utrecht- West. Aan de andere kant van de Vleutenseweg weliswaar, in de wijk Nieuw- Engeland.
Niet erg. Linssen voelt zich Lombokker. Punt. Het zijn de mensen van Lombok die de wijk zo aantrekkelijk maken. Lévendig, met studenten, fruithandelaren, muzikanten, noem het maar. Heerlijk ook om doorheen te sjouwen, langs de Abel Tasmanbrug, de mooie huizen van de Leidsekade en Houtzaagmolen De Ster bijvoorbeeld. Trouwens, het is ook leuk om de wijk van een afstandje te bekijken.

Via de Kanaalweg, op het kruispunt van het Merwedekanaal met de Leidsche Rijn. Ziedaar Lombok. Het Wilde Westen van Utrecht.
Utrechts Nieusblad| Utrecht voor beginners-bijlage
Jeroen Kreule 31-7-2004
|